HOME

 

balkje2.gif (853 bytes)

BIOGRAFIE

StarStarStar

Hallo en welkom op mijn site. Mijn naam is Anne van Doorn en ik ben schrijver van detectiveverhalen. Mijn belangrijkste inspiratiebronnen zijn Agatha Christie (Hercule Poirot, Tommy & Tuppence) en Arthur Conan Doyle (Sherlock Holmes). Mijn hoofdpersonen zijn particulier rechercheur Robbie Corbijn en zijn assistente Lowina de Jong. In plaats van in Bakerstreet 221B of in Whitehaven Mansions hebben zij zich gevestigd in de Kolos van Cronesteyn, een torenflat aan de rand van Leiden. Samen lossen zij mysteries op, waar dan ook in Nederland, BelgiŽ of elders in Europa.

Benieuwd naar wie ik ben? Lees dan het ludieke interview hieronder...

Anne van Doorn

7 mei 2018                   

In mei 2017 debuteerde detectiveschrijver Anne van Doorn met de mysterieroman De ouders keerden niet terug. Bekendheid verwierf hij daarna met een serie van tien e-novellen. In korte tijd wist hij daarmee duizenden lezers te bereiken. Inmiddels werkt hij hard aan een nieuwe serie van maar liefst twaalf e-novellen, en er verschijnt een tweede roman getiteld De student die zou trouwen.

In al deze verhalen zijn de hoofdrollen weggelegd voor Robbie Corbijn en zijn assistente Lowina de Jong van Recherchebureau Corbijn – Research & Discover. De auteur zegt geÔnspireerd te zijn door schrijvers van weleer, zoals Arthur Conan Doyle en Agatha Christie. Maar wie is eigenlijk Anne van Doorn? Zijn hoofdpersonages besloten op zoek te gaan naar de antwoorden en zochten de auteur thuis op. Speur mee met Robbie & Lowina!

Robbie: Wie is Anne van Doorn?

“Ik ben de bedenker van mysteries die jullie mogen oplossen. Jullie hoofdkwartier is, zoals jullie weten, de Kolos van Cronesteyn, een torenflat aan de rand van Leiden. Maar de zaken die jullie onderzoeken, brengen jullie naar alle uithoeken van Nederland. Ook BelgiŽ behoort tot jullie ‘rayon’.”

Robbie: Nou, dat wisten we inderdaad al. Een inkoppertje! Over jezelf zeg je heel weinig. Op de achterzijde van De ouders keerden niet terug staat dat Anne van Doorn een pseudoniem is van een auteur die meer dan tien titels op de markt bracht. Vanwaar al die geheimzinnigheid?

“Ja, kijk, daar houd ik nou van! Mysterie! Ik vind het leuk om mensen in het ongewisse te houden.”

Robbie: Hoe heet je dan echt?

“Wil je mij een bekentenis laten afleggen, Robbie?”

Robbie (grijnzend): Het wordt inderdaad tijd dat je je geheimen prijsgeeft, Anne!

“Alsof jij die niet hebt, Robbie. Het archief van het recherchebureau is ontoegankelijk voor onbevoegden. Maar Lowina is nu al meer dan twee jaar bij jou in dienst, en nůg krijgt ze de toegangscode niet. Wat verberg je toch?”

Lowina: Ja, dat wil ik nu ook eens weten, Robbie! Vertrouw je mij dan niet?

Robbie (ongemakkelijk kijkend): Nee, nee, Lowina, daar gaat het niet om. Jij hebt trouwens je eigen geheimen. Er hangt een prijskaartje aan de onthulling daarvan. Bovendien, we zijn bij Anne te gast en ik stel hier de vragen! Wie ben je nou werkelijk, Anne?

“Goed, ik zal een tipje oplichten. Ik publiceer ook onder een andere naam en heb acht misdaadromans, een kerstnovelle en een autobiografisch boek uitgebracht. Welke andere naam? Dat laat ik liever aan de lezer over om te ontdekken. De lezer als speurneus! Erg moeilijk kan het niet zijn, want op internet is dit mysterie al onthuld.”

De ouders keerden niet terug

Bol.com

Bruna.nl

Eci.nl

E-Pulp Publishers - Webshop

Libris

The Read Shop

Standaardboekhandel.be

Robbie: Goed, dan moeten de lezers daar maar speuren. Hoe zou je jouw verhalen willen omschrijven?

“Ik schrijf romans en e-novellen, allemaal in het detectivegenre. De romans tellen circa 75.000 tot 85.000 woorden, en e-novellen gemiddeld 9.000 ŗ 10.000 woorden. Ik schrijf ze volgens dit stramien: er is een speurneus die – altijd aan het begin van het verhaal – een onopgelost mysterie krijgt voorgelegd. Bij voorkeur is het een allesbehalve alledaags probleem. Met vernuft en vindingrijkheid probeert de speurneus het raadsel te kraken. Arthur Conan Doyle werkte met dezelfde, klassieke benadering in zijn verhalen over Sherlock Holmes, evenals Christie met Hercule Poirot. Ik houd erg van die benadering. Jij, Robbie, bent de speurneus in mijn verhalen.”

Robbie (grijnzend): Altijd prettig om met Sherlock Holmes in ťťn adem genoemd te worden! Het valt me op dat je ons allerlei soorten zaken laat onderzoeken. Het zijn niet alleen maar whodunits.

“Ja, dat klopt. Ik werk met drie categorieŽn mysteries. Ten eerste de rechttoe-rechtaan gevallen. Er is bijvoorbeeld een dode en daarbij hoort een concrete vraag. Meestal is het dan: wie is de moordenaar? Een whodunit, dus. Of: kan deze zelfmoord een moord zijn? Een howdunit. De e-novelle Het hoertje dat geen spoor achterliet is het duidelijkste voorbeeld van categorie 1. Ten tweede zijn er verdwijningsmysteries. Dan is er al een minder concrete vraag. Is de vermiste vermoord? Of ontvoerd? Of is hij verongelukt en is zijn lichaam onvindbaar? Of leeft hij onder een andere identiteit verder? De geliefde die in het veen verdween is een verhaal in deze categorie. Tot slot is er de buitencategorie. Ik noem die wel de hŤ-wat-is-hier-aan-de-hand???-categorie. Dan gaat het om situaties waarin het onduidelijk is wat er precies speelt. De arts die de weg kwijt was en De dame die niet om hulp had gevraagd behoren tot categorie 3.”

Lowina (kuchend): Mag ik nou ook eens een vraag stellen? Anne, vraag je je weleens af ůf wij een lastige zaak weten op te lossen?

“Ja, dat komt voor. Vooral verhalen van de tweede categorie zijn in dat opzicht lastig. Onopgeloste vermissingen bieden meestal erg weinig aanknopingspunten. Bij De vluchteling die alles achterliet twijfelde ik heel lang hoe jullie de zaak zouden ontrafelen. Hoe zou Robbie de al twintig jaar vermiste Susanne Westera kunnen opsporen? Mijn twijfel werd zo sterk dat ik dacht dat onze speurneus voor het eerst zou falen!”

Robbie (grinnikend): Maar dat klusje heb ik toch geklaard, al heb ik de ouders van Susanne de stuipen op het lijf gejaagd. Ik zie nůg hoe ze reageerden op mijn onthullingen. Best akelig, eigenlijk. Hoe kijk jij terug op de eerste serie van tien e-novellen?

“Met veel voldoening. Ik had geen idee dat het zo zou aanslaan. Van tevoren had ik ingeschat dat de e-novellen hooguit honderd lezers per verhaal zouden aantrekken. Er zijn lezers die ťťn of twee delen proberen en daarna de hele serie aanschaffen. Echt heel gaaf!”

Robbie: Heb je een verklaring voor dat succes?

“Een afdoende verklaring? Nee, voor mij is dat een mysterie. Vooral het grote succes van De arts die de weg kwijt was heeft me blij verrast. Dat verhaal heeft al meer dan tweeduizend lezers bereikt. Ik vermoed dat het concept veel lezers aanspreekt. Dit soort verhalen wordt nauwelijks nog geschreven, in elk geval niet in het Nederlandse taalgebied. En je krijgt elke maand een nieuwe aflevering aangeboden. De lengte is precies goed voor iemand met een jachtig bestaan. Heel geschikt om te lezen als je met het openbaar vervoer naar werk of school reist. Of als verhaaltje voor het slapengaan. Prima voor tussendoor.”

De arts die de weg kwijt was

Lowina: Wat zijn jouw favoriete verhalen van de eerste serie?

“Leuke vraag! In de eerste plaats De bergen die geen vergetelheid kennen. Als schrijver heb ik tijdens het schrijfproces en de redactiefase alle verhalen talloze keren gelezen. Dan ken je de oplossing al en valt die spanning weg. De bergen die geen vergetelheid kennen blijft elke keer leuk om te lezen, elke keer schiet ik bij bepaalde situaties weer in de lach. Als ik dat lees, heb ik helemaal niet het idee dat ik het verhaal heb bedacht. Dat klopt ook wel. Ik baseer me voor een deel op waargebeurde verhalen. Ik houd ook erg van De dame die niet om hulp had gevraagd, De boerin die niet wilde sterven en De geliefde die in het veen verdween.”

Robbie: Er zitten geweldige ideeŽn bij, zoals over die dame die niet om hulp had gevraagd. Fascinerend verhaal! Hoe kom je daaraan?

“Die ideeŽn verzamel ik al meer dan twintig jaar. Ik heb een databank met ideeŽn opgebouwd. Soms gaat het om heel concrete verhaalideeŽn die in korte tijd zijn uit te werken, soms bestaat dat idee uit ťťn zin, ťťn gedachte. Het is een uitdaging om op basis van heel weinig een nieuwe werkelijkheid op te bouwen. Ik sta altijd open voor nieuwe ideeŽn, en speur naar leuke verhalen, interessante situaties, verrassende plotwendingen, boeiende personages. De dame die niet om hulp had gevraagd begon met een locatie, want dat huisje waarin mevrouw Olde Meierink woont, bestaat echt. Het ligt zo afgelegen dat ik me automatisch afvroeg waarom iemand daar zou willen wonen. Daarnaast heb ik al jarenlang de gewoonte elke dag ťťn kort verhaal te lezen. Dat helpt ook geweldig bij het denkproces.”

Lowina: Ik vond dat avontuur dat Robbie in AlbaniŽ beleefde best wel bizar. Ging het er in AlbaniŽ echt zo aan toe?

“In De bergen die geen vergetelheid kennen verwijs ik naar High Albania, van antropologe Edith Durham. De cultureel-historische achtergrond van mijn verhaal komt voor een belangrijk deel uit haar boek. Zij bracht begin twintigste eeuw maandenlang in Noord-AlbaniŽ door en tekende de verhalen op. Echt een aanrader om te lezen. Wat zij schrijft is soms echt niet te geloven, zo bizar, en toch was dat de realiteit. En het is nog steeds de dagelijks realiteit. Je hoeft maar op internet te zoeken en je leest verhalen over complete families die zich opsluiten in zogeheten lock-in neighbourhoods uit angst voor weerwraak.”

Lowina: Bestaan die locaties dan ook allemaal?

“Alle locaties uit De bergen die geen vergetelheid kennen bestaan echt, ja. Zoals die ruÔne waar in 1933 de moord plaatsvond. Een zeer afgelegen, moeilijk te bereiken locatie, in een bergvallei waar geen autoweg doorheen loopt. De ruÔne staat, zoals ik het heb beschreven, op een rotsblok, en aan de voet daarvan is een klein meertje. Ook voor de andere verhalen gebruik ik vaak bestaande locaties, zoals dat ongure kasteel in De boerin die niet wilde sterven. Niet alle locaties uit de verhalen zijn exact zů als ik ze beschrijf, maar vaak wel.”

De student die zou trouwen

 

Bol.com

Bookspot.nl

Bruna.nl

E-Pulp Publishers - Webshop

Libris.nl

Readshop.nl

Standaardboekhandel.be

Robbie: Op 22 mei 2018 komt de tweede roman uit, De student die zou trouwen. Tevreden over het boek?

“Ja, zeer tevreden. Het is helemaal geworden wat ik ervan gehoopt had, al was de weg ernaartoe lang. Kijk, de ideeŽn voor dit verhaal had ik al meer dan tien jaar. Ruim drie jaar geleden ben ik ermee aan de slag gegaan. Mijn favoriete scŤne is als Lowina een oud heertje bezoekt en hij haar door middel van een list opsluit, hahaha! Het is een intrigerend verhaal dat zal aanslaan bij de liefhebbers van detectives: een student verdwijnt na bezoek aan een boekhandel, kort voor zijn trouwdag.”

Lowina: Heeft zijn verdwijning met die trouwdag te maken?

“Uiteraard!”

Lowina: En met het bezoek aan die boekhandel?

“Ook dat! Maar in beide gevallen niet op een voor de hand liggende manier. Jullie hadden zeer grote moeite deze zaak op te lossen. Robbie leek op het laatst wel wanhopig!”

Robbie (een beetje knorrig): Dat valt wel mee. Ik had alles onder controle. Alleen Lowina dacht van niet...

Lowina (met een glimlach): Je zat anders toch maar een aantal keren op het verkeerde spoor. Als ik jou niet op het juiste had gezet...

Robbie: Volgend onderwerp! Anne, je hebt de laatste tijd aan een tweede serie e-novellen gewerkt...

“Ja, dat klopt. Sinds juli vorig jaar heb ik bijna onafgebroken en fulltime gewerkt aan twaalf nieuwe e-novellen. Pas in december had ik alle ruwe versies klaar. Het is intensief werken, echt veel zwaarder dan het schrijven van een roman. Dat gold ook voor de eerste serie. Sinds december ben ik aan het herschrijven. Dat kost ook weer maanden. De nieuwe serie e-novellen moet de periode overbruggen tussen de tweede en de derde roman, dus tussen De student die zou trouwen en De man die zich geweten ontlastte. Twaalf, dus...”

Lowina: Mag ik je even onderbreken? Hoe komt het dat deze serie veel moeilijk is om te schrijven dan een roman?

“Het vereist veel meer creativiteit. Kijk, in een roman heb je ťťn hoofdverhaallijn, een paar korte verhaallijnen en misschien twintig tot dertig personages. In tien korte verhalen heb je tien verhaallijnen. En per verhaal heb ik gemiddeld vijf of zes nieuwe personages. Dat zijn in totaal vijftig tot zestig nieuwe personages. Er zijn automatisch ook meer locaties. Dus de inspanning en creativiteit die het denkproces voor tien verhalen vergt, is vele malen groter. Nu heb ik zelfs twaalf e-novellen onder handen, daarom is het echt afzien, een uitputtingsslag. Elke e-novelle kost bij elkaar toch twee, soms drie weken fulltime werk. Het voelt alsof ik non-stop drie romans heb geschreven. Ik zal enorm opgelucht zijn als alles gereed en naar mijn tevredenheid is!”

Lowina: Worden het weer verhalen met van die bijzondere titels, zoals De dame die niet om hulp had gevraagd?

“Uiteraard! Zoals Het schilderij dat niet bleef hangen en De pianist die uit de toon viel.”

Anne van Doorn

Robbie (op het puntje van zijn stoel): Wij moeten bijna gaan – een nieuwe en zeer lastige cold case, een zeer schokkende moord uit 1939 nota bene! Kun je tot slot een tipje van de sluier oplichten?

“Eerst verschijnt mijn tweede roman, De student die zou trouwen, die komt op 22 mei uit. Wat die nieuwe serie met twaalf e-novellen betreft, heb ik weer een aantal leuke en boeiende mysteries op stapel staan. Net als de eerste serie biedt de tweede serie veel afwisseling. Jullie krijgen zowel cold cases als actuele zaken voorgeschoteld. En jullie bezoeken locaties in Nederland, BelgiŽ, Duitsland en zelfs Finland. Er zijn moorden en een onopgeloste inbraak (categorie 1), raadselachtige verdwijningen (categorie 2) en een aantal verhalen van de buitencategorie (categorie 3). Soms is een verhaal luchtig van opzet, soms juist tragisch of spannend. Best vaak draait het om deductie, slimme redeneringen waarmee jij, Robbie, zaken oplost.”

Robbie (grinnikend): Ik heb de kunst dus nog niet verloren!

“Maar Lowina mag ook voor het eerst een zaak oplossen.”

Lowina: Ha, ja! Ik word steeds beter!

Robbie (grijnzend): Vanzelfsprekend! Uiteraard dankzij mijn bezielende begeleiding! Al een favoriet verhaal, Anne?

“Mijn favoriet? Lastige vraag. Best heftig is De vrouw die onraad rook, een hartverscheurende liefdesgeschiedenis met een zeer dramatische wending. Heel dramatisch, spannend en tragisch is ook Het meisje dat nooit daglicht zag. Maar ook een lichtvoetig verhaal als De bewaker die Sherlock heette is bij mij favoriet. Maar toch, het avontuur dat me vooral op het puntje van de stoel krijgt, is Het bruidje dat geen afscheid nam, dat zich afspeelt in een winters Finland. In dat verhaal komen de drie categorieŽn bij elkaar. Het begint met een vermissing, ontpopt zich tot een verhaal van de buitencategorie en eindigt als een categorie 1-verhaal. Lowina staat er helemaal alleen voor. Het is heel spannend, op het griezelige af.”

Lowina (met een onthutste blik in de ogen): HŤ, nee, dat was juist een akelig avontuur. Elke keer zie ik weer dat bootje dobberen! En het was niet leuk om in de gevangenis te belanden op verdenking van moord!

“Nee, dat was inderdaad heel naar. In de nieuwe serie komen we trouwens bij een paar verhalen ook met beeldmateriaal. Dat is anders dan in de eerste serie, toen was het uitsluitend tekst. Aan beeldmateriaal moet je denken aan een plattegrondje van een huis of een landkaartje.”

Robbie: Wanneer komt de eerste e-novelle uit?

“Het eerste verhaal verschijnt waarschijnlijk in juni. We publiceren pas als we er klaar voor zijn. Wie de nieuwsbrief van de uitgeverij ontvangt, krijgt de eerste e-novelle gratis. De overige e-books verschijnen voor de prijs van een kop koffie.”

Robbie (die opstaat): Anne, bedankt voor dit interview!

Lowina: Ho, ho, ik ben nog niet klaar. Ik heb nog ťťn vraag. Komen er ook weer oude bekenden in de verhalen terug?

“Jazeker, zoals jullie buurvrouw Lettie Kreft, advocate Elvira Guikema en hoofdinspecteur Van der Hoeven uit De ouders keerden niet terug. Als je meer wilt weten, zou ik maar De student die zou trouwen bestellen. Achter in dat boek komen alle titels en flapteksten te staan. De student die zou trouwen verschijnt zoals gezegd op 22 mei. Ik ben heel benieuwd hoe dat boek en de nieuwe serie ontvangen zullen worden. Ik denk dat het voor de ware detectiveliefhebber smullen wordt!”

Bestel De student die zou trouwen bij de plaatselijke boekhandel!

Of online:

Bol.com | Bookspot.nl | Bruna.nl | E-Pulp Publishers - Webshop | Libris.nl | Readshop.nl | Standaardboekhandel.be

NIEUWSBRIEF

StarStarStar

Meld je aan voor de nieuwsbrief van E-Pulp Publishers, blijf op de hoogte van toekomstige uitgaven ťn ontvang een gratis verhaal!